View: 19

Een nieuw gazon aanleggen in Brabant: hier moet je rekening mee houden

Een nieuw gazon geeft een tuin snel een frisse en verzorgde uitstraling. Toch begint een sterke grasmat niet bij het…
Werken & Ondernemen

Een nieuw gazon geeft een tuin snel een frisse en verzorgde uitstraling. Toch begint een sterke grasmat niet bij het uitrollen of zaaien van gras, maar bij de bodem eronder. In Noord-Brabant kunnen de omstandigheden per plaats en zelfs per tuin verschillen. Op veel plekken komt zandgrond voor, terwijl je in riviergebieden ook zwaardere klei kunt aantreffen. Daarnaast kan grond rond nieuwbouwwoningen verdicht zijn geraakt door machines en bouwverkeer.

Controleer daarom eerst je eigen tuin in plaats van uit te gaan van een algemene bodemsoort voor de hele provincie. Met een goede voorbereiding, het juiste moment en zorgvuldige nazorg vergroot je de kans dat het gras gelijkmatig wortelt en langdurig mooi blijft.

Bepaal waarvoor je het gazon gaat gebruiken

De gewenste uitstraling is belangrijk, maar het gebruik bepaalt minstens zoveel. Een siergazon wordt anders belast dan een grasveld waarop kinderen spelen of een hond regelmatig loopt. Bedenk ook hoeveel zon het oppervlak krijgt. Onder dichte bomen, langs een hoge schutting of aan de noordzijde van de woning kan gras dunner groeien doordat er minder licht en meer concurrentie van boomwortels is.

Maak het gazon niet groter dan je praktisch kunt onderhouden. Rechte of licht gebogen randen zijn eenvoudiger te maaien dan veel kleine hoeken. Controleer bovendien of je met een maaier overal kunt komen en voorkom smalle stroken waarin gras snel uitdroogt of beschadigt.

Onderzoek de bodem in je eigen tuin

Pak op verschillende plekken een hand grond. Zeer zandige grond valt gemakkelijk uiteen en laat water snel door. Zware kleigrond voelt plakkerig aan wanneer die nat is en kan na regen lang vochtig blijven. In beide gevallen is bodemverbetering mogelijk, maar de aanpak verschilt. Organische stof kan een zandige bodem helpen om vocht en voedingsstoffen beter vast te houden. Bij zware grond draait het vooral om structuur en afwatering.

Let ook op verdichting. Blijven na een bui lang plassen staan of kun je nauwelijks met een spade in de grond komen, dan is alleen een dun laagje nieuwe aarde meestal niet genoeg. Maak de bodem voldoende diep los zonder onderliggende slechte grond naar boven te halen. Verwijder puin, stenen, oude wortels en hardnekkig onkruid. Kalk strooien is niet automatisch nodig. Doe dat alleen wanneer een bodemanalyse of pH-meting daar aanleiding toe geeft.

Bereid de ondergrond zorgvuldig voor

Verwijder eerst de oude grasmat en ongewenste begroeiing. Maak vervolgens de bovenlaag los en meng bodemverbeteraar gelijkmatig door de grond wanneer dat nodig is. Breng de ondergrond daarna op hoogte. Houd rekening met de dikte van de nieuwe grasmat en zorg dat het uiteindelijke gazon netjes aansluit op terras, pad en opsluitrand.

Egaliseer de grond met een hark en haal kuilen en hoge plekken weg. Vervolgens druk je de ondergrond licht aan, bijvoorbeeld door deze gelijkmatig te belopen of met een geschikte tuinwals te verdichten. De bodem moet stevig genoeg zijn om niet diep in te zakken, maar niet zo hard dat wortels moeilijk kunnen doordringen. Hark de bovenste laag daarna heel licht los voor een goed contact met de graswortels.

Kies een geschikt moment voor de aanleg

Gras wortelt het beste wanneer de bodem niet bevroren, kletsnat of extreem droog is. Voorjaar en vroege herfst zijn vaak gunstige perioden, omdat de bodemtemperatuur dan voldoende hoog kan zijn en er doorgaans minder snel uitdroging optreedt dan midden in een warme zomer. Toch blijft het actuele weer belangrijker dan een vaste kalenderdatum.

Wil je direct een gesloten grasoppervlak, dan kun je graszoden gebruiken. Plan de levering pas wanneer de ondergrond gereed is. Verse zoden mogen niet lang opgerold blijven liggen, omdat warmte zich in de rollen kan ophopen en het gras daardoor achteruitgaat. Leg ze daarom zo snel mogelijk na levering en werk aaneengesloten door.

Leg het gras zonder open naden

Begin langs een rechte zijde en leg de banen strak tegen elkaar. Laat de naden verspringen, vergelijkbaar met metselwerk, zodat er geen lange doorlopende voegen ontstaan. Trek niet aan de zoden om een gat te dichten, want uitgerekt gras kan later weer krimpen. Snijd randen zorgvuldig op maat met schoon en scherp gereedschap.

Loop tijdens het werk zo min mogelijk rechtstreeks over het pas gelegde gras. Gebruik planken wanneer je over het oppervlak moet bewegen, zodat je gewicht wordt verdeeld en er geen kuilen ontstaan. Druk het gazon na het leggen licht aan om goed contact tussen de zoden en de ondergrond te krijgen.

Geef direct water en bewaak de eerste weken

Sproei het gazon meteen na aanleg grondig. Het water moet niet alleen de grasmat natmaken, maar ook de bovenste laag van de ondergrond bereiken. Houd de zoden tijdens de eerste periode gelijkmatig vochtig, zonder dat het gazon voortdurend in plassen staat. Controleer vooral randen en zonnige plekken, want die drogen meestal het snelst uit.

Beperk intensief gebruik totdat de wortels zich aan de bodem hebben gehecht. Dat kun je voorzichtig controleren door een hoekje op te tillen. Zodra het gras duidelijk weerstand geeft en begint te groeien, kan het voor het eerst worden gemaaid. Wacht tot het voldoende hoog is en verwijder bij één maaibeurt nooit meer dan ongeveer een derde van de grasspriet. Zo voorkom je onnodige stress en geef je het nieuwe gazon een sterke start.

DavidvanAmsterdam